mijn uiteindelijk belanghebbende woont in het buitenland wat moet ik doen
Woonland is geen criterium, identificatie wel
Een uiteindelijk belanghebbende die in het buitenland woont, verandert niets aan de vraag of iemand UBO is. Dat blijft bepaald door aandelen, stemrecht of feitelijke zeggenschap, zoals bij elke andere uiteindelijk belanghebbende. Wat wel verandert, is de manier waarop je de identiteit onderbouwt: een Nederlands paspoort of ID-kaart is er niet, dus komt er een buitenlands identiteitsdocument in het dossier. De bank of andere instelling die cliëntenonderzoek doet, moet dat document net zo goed kunnen controleren op geldigheid en op naam-, geboortedatum- en nummergegevens. In de praktijk vraagt men vaak om een kopie van paspoort of nationale ID, soms met een uittreksel uit een lokaal bevolkings- of ondernemingsregister als extra bevestiging van adresgegevens.
Het tweede punt is registratie: elke UBO van een Nederlandse onderneming moet in het Nederlandse UBO-register staan, woonachtig in binnen- of buitenland maakt daarbij geen verschil. Voor een UBO die in het buitenland woont, ontbreekt vaak een Nederlands BSN — het register werkt dan met een buitenlands fiscaal identificatienummer of, als dat er niet is, met alleen de overige persoonsgegevens. Dit staat los van eventuele registratieverplichtingen die in het woonland van de UBO zelf gelden, bijvoorbeeld als daar ook een lokale entiteit is. Bij structuren met een buitenlandse tussenholding is het extra belangrijk om helder te maken hoe je de UBO vindt als er meerdere bv's tussen zitten, omdat de nationaliteit of vestigingsplaats van tussenliggende entiteiten de zeggenschapslijn kan compliceren.
Waar dit uit volgt: de Wwft en het UBO-register
Het cliëntenonderzoek waarbij een instelling de identiteit van de UBO vaststelt, volgt uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, die op haar beurt de definitie van uiteindelijk belanghebbende ontleent aan Richtlijn (EU) 2015/849. De registratieplicht in het Nederlandse UBO-register, ongeacht waar de UBO woont, volgt uit de Handelsregisterwet 2007.
Waar dit op gebaseerd is
- Richtlijn (EU) 2015/849 — de Europese antiwitwasrichtlijn waar de Wwft uit voortkomt, met de definitie van uiteindelijk belanghebbende
- Handelsregisterwet 2007 (de gegevens die van elke onderneming zijn vastgelegd, waaronder het UBO-register)
- Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (het cliëntenonderzoek dat instellingen moeten doen)
De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
De uitwerking per verplichting, met de termijnen die erbij horen en de sjablonen om het vast te leggen, zit in het abonnement.
Bekijk het abonnement Eerst de gratis quick-scanDit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.